Voor ouders

Ondersteuningsplan 2017 – 2020

U bent hier:
Ondersteuningsplan 2017 – 2020

1. Algemene gegevens en kengetallen School


Naam: Categorale havo De Hof
Richting: havo
Directeur: mw. J. Jensen
Zorgcoördinator: mw. T.J.M. van Straaten
Adres: Dapperstraat 315
1093 BS Amsterdam
Telefoon: 0208938000
E-mail: info@havodehof.nl

Bestuur

Naam: Zaam Scholengroep
Bezoekadres: Dubbelink 1
1102 AL Amsterdam
Postadres: Postbus 12426
1100 AK Amsterdam
Telefoon: 0206603270
Fax: 0206603289
E-mail: info@zaam.nl

Schoolgrootte (gemeten op 1 augustus 2020):

Totaal 389 leerlingen, die als volgt over de school zijn verdeeld:

  • Havo 1 : 3 klassen
  • Havo 2 : 3 klassen
  • Havo 3 : 3 klassen
  • Havo 4 : 3 klassen
  • Havo 5 : 3 klassen

Totaal 15 klassen

Gemiddeld 26 leerlingen per klas

Totaal aantal zorgleerlingen: 34
Totaal aantal dyslectische leerlingen: 36
Aantal leerlingen besproken in het ZAT schooljaar 2019-2020: 12

2. Profilering school

Missie van de school

Havo De Hof biedt onderwijs dat leerlingen niet alleen voorbereidt op een eindexamen, maar ook prikkelt om nieuwe talenten te ontdekken en te ontwikkelen. Saamhorigheid, autonomie en vertrouwen zijn onze kernwaarden die de basis zijn voor de keuzes die we maken, met onze leerlingen en met onze medewerkers.
Wij geloven dat elke leerling op zijn of haar eigen manier en eigen tempo leert en de ruimte moet krijgen om dat leren vorm te geven op een manier die bij hem of haar past. Havo De Hof biedt de structuur waarin dat leerproces het beste kan plaatsvinden.

Visie van de school

Bijzonder aan onze school is dat we er alles aan doen om te ontdekken waar leerlingen goed in zijn. Om talenten te ontdekken hebben wij een breed havo-talentprogramma ontwikkeld. Vanaf de eerste klas krijgen leerlingen extra lessen naast het reguliere programma. Tijdens deze lessen maken leerlingen kennis met verschillende domeinen.
Naast interessegebieden, richt het talentprogramma zich ook op vaardigheden die in de toekomst van groot belang zijn, zoals ICT-vaardigheden, onderzoeken, samenwerken en presenteren. Wij streven ernaar onze leerlingen te stimuleren elkaars achtergronden te leren kennen, verschillende levenswijzen te respecteren en iedereen in zijn of haar waarde te laten. Wij zijn ervan overtuigd dat tolerantie en een wijde kijk op het leven maakt dat iedereen zijn of haar plek in de samenleving weet te vinden. Wij begeleiden daarnaast onze leerlingen stapsgewijs naar verantwoordelijkheid voor het eigen leerproces en de keuzes die zij in hun schoolcarrière maken.
Een goed en veilig schoolklimaat is van belang om de schoolcarrière van een leerling zo soepel mogelijk te laten verlopen. Als school willen we onze leerlingen passend onderwijs aanbieden en oog hebben voor de ontwikkeling van de leerling als mens. Passend onderwijs betekent hierbij dat een leerling het onderwijs kan volgen dat bij zijn capaciteiten aansluit.

De leerlingenzorg op De Hof heeft als doel leerlingen in hun ontwikkelings- en leerprocessen te ondersteunen zowel binnen als buiten de les. Als de leerling wat betreft school of zijn persoonlijke ontwikkeling, begeleiding of zorg nodig heeft, dan proberen wij die als school, binnen onze mogelijkheden, te bieden. Dit kan zowel intern als extern. Hierbij staan zorgvuldigheid, daadkracht en efficiëntie centraal. De school streeft ernaar om tijdig te signaleren wanneer er behoefte is aan begeleiding of zorg.

De Hof is een categorale havo school met een interconfessionele grondslag. Onze leerlingen komen vanuit heel Amsterdam en de randgemeentes (Badhoevedorp, Edam en Abcoude).

3. Aannamebeleid

3.1 Doelgroep / aannamebeleid

Onze school is een reguliere havo school, met een gemengde populatie wat betreft culturele en sociale achtergrond.
Het schoolgebouw kan maximaal 450 leerlingen huisvesten. Er is een lift aanwezig en er zijn beperkte mogelijkheden voor het gebruik van rolstoelen.
Van leerlingen wordt verwacht dat zij in staat zijn zelfstandig te werken. Op sociaal emotioneel gebied is de school meer gericht op internaliserende problematiek dan op externaliserende.

Voor specifieke informatie hierover verwijzen we naar het ondersteuningsprofiel in de bijlage.
Voor het plaatsen van de leerlingen houden wij ons aan de afspraken van de kernprocedure – PO/ VO Amsterdam (www.onderwijs.amsterdam.nl). Wij streven er naar dat zoveel mogelijk leerlingen geplaatst kunnen worden op onze school van aanmelding. Echter, niet altijd past de school van aanmelding bij de leerling. Er zijn drie redenen voor doorverwijzing naar een andere school:

  1. Het kind voldoet niet aan het niveau van de school.
  2. De school kan niet voldoen aan de te specifieke ondersteuningsvraag.
  3. Een teveel aan kinderen met zorgvragen kan de ondersteuningskracht van de school te boven gaan.

De scholen in Amsterdam zijn lid van het Samenwerkingsverband Amsterdam. Het SWV zorgt ervoor dat elke leerling een onderwijsplek op een school krijgt. In overleg met ouders/verzorgers, de school van herkomst, de school van aanmelding en de andere school wordt de leerling door het SWV op een school geplaatst waar voldaan kan worden aan de zorgvraag van het kind.

3.2 Intakeprocedure onderinstroom

De Hof houdt zich als Amsterdamse VO-school aan de Amsterdamse Kernprocedure. Er zijn intakegesprekken met leerlingen door de schoolleiding en zorgcoördinator als de onderwijskundige rapporten (Okidoc) en/of het leerlingvolgsysteem van de basisschool kenbaar maken dat er specifieke problematiek is.

3.3 Intakeprocedure voor leerlingen met een aanvullende ondersteuningsbehoefte

De Amsterdamse Standaard en zorgplicht
De Amsterdamse Standaard beschrijft op welke gebieden de scholen preventieve en licht curatieve ondersteuning zullen kunnen bieden. De Amsterdamse Standaard is verplichtend voor alle aangesloten VO- en VSO-scholen.
Dit betekent dat De Hof ondersteuning dient aan te bieden voor leerlingen met een lichte ondersteuningsbehoefte die voortkomt uit:

  • Leer- en ontwikkelproblemen
  • Werkhouding probleem
  • Sociaal emotioneel functioneren
  • Fysieke beperkingen
  • Benodigde aanpassingen i.v.m. eten/drinken
  • Middelengebruik (alcohol, drugs, games)
  • Thuissituatie

Het is mogelijk dat de school oordeelt dat de complexiteit of zwaarte van de problematiek meer specialistische ondersteuning verlangt dan de school vanuit de licht curatieve basisondersteuning bieden kan. Er kan sprake zijn van een extra ondersteuningsbehoefte. In dat geval zal De Hof onderzoeken of de school, eventueel met enige aanpassingen van het onderwijs, de benodigde extra ondersteuning toch zelf kan bieden. Als school constateert dat men ook dan de benodigde ondersteuning zelf niet kan bieden, gaat school in gesprek met de ouders en is de school van aanmelding verplicht een andere school met een passend programma te zoeken. Pas op het moment dat de geadviseerde school een plaatsingsbesluit heeft genomen, gaat de zorgplicht naar de school van plaatsing.

Contact ouders en school

Vóórdat de ouders van leerlingen die een (specifieke) ondersteuningsbehoefte hebben, de keuze voor aanmelding op de Hof maken, treden ze in contact met de schoolleiding. De Hof streeft een continuüm van zorg na, waarbinnen zoveel mogelijk de integratie van leerlingen die extra zorg en begeleiding nodig hebben wordt vormgegeven. Uitgangspunt daarbij is wel dat, gezien de opdracht van het voorgezet onderwijs, een leerling kan worden toegelaten mits redelijkerwijs kan worden verwacht dat hij/zij op onze school een diploma kan behalen. Bij de aanmelding van leerlingen met een (specifieke) ondersteuningsbehoefte zullen in goed overleg met alle betrokkenen de mogelijkheden en beperkingen van de leerlingen en de schoolorganisatie worden geïnventariseerd.

Aandachtspunten bij de toelatingsprocedure voor zowel het kind als de organisatie zijn: pedagogisch en didactisch klimaat, leerlingenzorg, professionalisering medewerkers, contacten met ouders, basisschool, interne/externe begeleiders, en materiële omstandigheden incl. de gebouwsituatie. Heeft de nieuwe leerling behoefte aan basisondersteuning die de school kan bieden, of is er meer specifieke ondersteuning nodig?

Na het gesprek met de ouders en leerling overlegt de schoolleiding in alle gevallen met de zorgcoördinator. De school speelt waar mogelijk in op de hulpvraag van ouders en leerlingen. Onmogelijkheden worden direct met hen besproken, zodat zij eventueel zelf de keuze kunnen maken voor andere opties. Maken ouders toch de keuze om hun kind bij De Hof in te schrijven, dan gaan zij akkoord met de ondersteuning die school wel en ook niet biedt. Zelf zijn zij dan verantwoordelijk voor de eventuele extra voorzieningen.

Per leerling wordt dus individueel gekeken naar de onderwijs- en ondersteuningsbehoefte. Waar (organisatorisch) mogelijk wordt de ondersteuningsbehoefte geboden. Gedacht moet hierbij worden aan hulp bij organisatie en planning van huiswerk, studievaardigheden, sociale vaardigheden e.d. Wat op De Hof niet wordt aangeboden is individuele bijles, specifiek maatwerk vanwege hoogbegaafdheid e.d.

Indien besloten wordt om tot plaatsing van een leerling met specifieke ondersteuningsbehoeften over te gaan, worden handelingsgerichte afspraken schriftelijk vastgelegd en worden de begeleiding en de ondersteuningsvraag regelmatig geëvalueerd op doelmatigheid. Per schooljaar wordt vervolgens bekeken of de school de noodzakelijke begeleiding en zorg kan blijven garanderen en/of de leerling nog vanuit de eigen mogelijkheden op zijn/haar plaats is binnen de school. De vragen die daarbij aan de orde komen zijn of de omvang van de noodzakelijke ondersteuning, of zorg de mogelijkheden van de school niet overstijgt en of de haalbaarheid van het examen en het diploma niet in gevaar komen. Dit wordt vastgelegd in een ontwikkelingsperspectief (OPP). In het OPP worden ook de realiseerbare faciliteiten vastgelegd. De draagkracht en capaciteiten van de school spelen bij de mogelijkheid tot plaatsing een belangrijke rol, in combinatie met het aantal zorgleerlingen waarvoor de school reeds verantwoordelijk is. Ook bij de klassensamenstelling wordt rekening gehouden met het aantal leerlingen met een ondersteuningsbehoefte in de klas. Dit kan variëren van dyslexie tot autisme, lichamelijke beperkingen en chronisch zieke kinderen
.

3.4 Procedure niet plaatsen en zorgplicht

De Hof volgt de kernprocedure PO / VO Amsterdam.
Bij afwijzing in het geval van een voor De Hof te grote ondersteuningsbehoefte worden de ouders zowel telefonisch als schriftelijk op de hoogte gesteld. Samen met ouders en de basisschool wordt gezocht naar een alternatief.
Ouders/ verzorgers kunnen te maken krijgen met een afwijzing die naar hun mening onterecht is. Als u hierover in gesprek wilt, kunt u bij de schoolleiding terecht. Mocht een gesprek niet tot het gewenste resultaat leiden, dan kunnen ouders een klacht indienen bij de directeur van de school. Als ouders het niet eens zijn met de klachtafhandeling van de directeur kunnen zij een klacht indienen bij de Klachtencommissie van ZAAM. ZAAM is aangesloten bij de landelijke klachtencommissie van de besturenraad PCO.
De Klachtencommissie onderzoekt de afwijzing en oordeelt of deze gegrond is. Het bevoegd gezag neemt vervolgens, met inachtneming van dit oordeel, een beslissing. De volledige klachtenregeling staat op de website van de school www.havodehof.nl.

3.5 Intakeprocedure zij-instroom

De Hof neemt deel aan het convenant schoolwisselaars en werkt met de Procedure schoolwisseling van VO naar VO ontwikkeld door het SWV.
Na de beoordeling van het schoolwisselaarsformulier, de cijferlijst, verzuimgegevens en het OPP worden de leerling en zijn/haar ouders uitgenodigd voor een intakegesprek. Als ouders en leerling op gesprek geweest zijn bij de schoolleiding en de zorgcoördinator, kan de leerling toch worden afgewezen. Dat kan omdat er in de gewenste klas of jaarlaag toch geen plaats blijkt te zijn na de rapportvergadering van De Hof. Ook als er sprake is van onvoldoende motivatie of op basis van informatie van de toeleverende school kan een leerling worden afgewezen. Verder kan het zijn dat de school niet aan de ondersteuningsbehoefte van de leerling tegemoet kan komen.

3.6 Ouderbetrokkenheid

Ouders kunnen kennismaken met de school via informatiemateriaal (brochure, folder, affiche). Op de website van de school is zeer veel informatie te vinden. Ouders kunnen de data van de open avonden en de openlesmiddag vinden. Ook kunnen ze hier de toelatingseisen van de school vinden. Tijdens de open avonden zijn de administratie en de schoolleiding beschikbaar om vragen over inschrijving te beantwoorden. Ook na de open avonden kunnen ouders telefonisch of via e-mail bij hen terecht voor vragen. Bij inschrijving wordt via het aanmeldingsformulier naar bijzonderheden en wensen gevraagd. Bij de klassenindeling bijvoorbeeld wordt, voor zover mogelijk, rekening gehouden met de wensen van de nieuwe leerlingen.
De ouders en de leerlingen worden altijd via de website op de hoogte gehouden van de ontwikkelingen tijdens de behandelperiode met betrekking tot het aantal beschikbare plaatsen en of over een eventuele loting. Besluitvorming wordt altijd schriftelijk medegedeeld en gaat vergezeld van een duidelijke motivering. Ouders kunnen tussentijds met vragen terecht bij het hoofd van de leerlingenadministratie, bij de zorgcoördinator of bij de schoolleiding.

Bij leerlingen met een specifieke ondersteuningsbehoefte, worden de ouders en leerling uitgenodigd voor een gesprek, of maken ouders zelf deze afspraak. De zorgcoördinator en schoolleiding zijn bij dit gesprek aanwezig en maken afspraken met ouders en leerling.

3.7 Klachtenregeling en geschillencommissie

Het kan voorkomen dat er iets gebeurt op school waar ouders of leerlingen problemen mee hebben. Zij kunnen dan een klacht indienen. Klachten kunnen gaan over bijvoorbeeld onderwijskundige zaken, pedagogisch klimaat, gedrag van leerkrachten of pesten. Allereerst kan de klacht besproken worden met degene tegen wie de klacht gericht is. Als dit geen positief effect heeft, kan de klacht worden besproken met de schoolleiding (directeur). Veruit de meeste klachten over de dagelijkse gang van zaken in de school zullen in onderling overleg tussen ouders, leerlingen, personeel en directie op de juiste wijze afgehandeld kunnen worden. Indien dat echter niet mogelijk is, gezien de aard van de klacht of indien de afhandeling niet naar tevredenheid heeft plaatsgevonden, kan men een beroep doen op de klachtenregeling van de Stichting ZAAM. De Klachtenregeling van ZAAM staat vermeld op http://www.zaam.nl/regelingen Een exemplaar van deze klachtenregeling kunt u opvragen bij de schoolleiding. Havo De Hof is aangesloten bij de Geschillencommissie Bijzonder Onderwijs GCBO, www.gcbo.nl.

De klachtencommissie geeft advies over de klacht. Binnen 4 weken na ontvangst van het advies van de klachtencommissie zal het bevoegd gezag het besluit hierop kenbaar maken.

4. Ondersteuningsaanbod

De zorgstructuur kan niet los gezien worden van de begeleidingsstructuur. Deze structuur ziet er inhoudelijk als volgt uit:

4.1 Eerste lijn: basiszorg

4.1.1 Onderwijsleerproces

De eerste lijn heeft betrekking op de leerlingbegeleiding. Op De Hof vervullen de vakdocent en de mentor een primaire rol in de leerlingbegeleiding. De vakdocent is de eerst aangewezene om de leerling te begeleiden, en fungeert als probleemoplosser met betrekking tot onduidelijkheden in de aangeboden vakprogramma’s, leerachterstanden en vakspecifieke leerproblemen In de ELO van De Hof, staan de werkwijzers. De klassenmentor coördineert de begeleiding van zijn leerlingen, draagt zorg voor de administratie en is verantwoordelijk voor de communicatie met en over de leerlingen van zijn klas. Vakdocent en mentor vormen de spil van de reguliere leerlingbegeleiding. Zij werken nauw samen.

In ieder leerjaar wordt de begeleiding en eventuele zorg van leerlingen gevolgd en geëvalueerd. Dit vereist regelmatige leerlingenbesprekingen als vast onderdeel van de begeleiding. Dit gebeurt zowel in de klassenbesprekingen, als rapportvergaderingen als binnen het mentorenoverleg. Duidelijk moet zijn wat een begeleidingstraject op moet leveren en wie wat geacht wordt te doen. Het begeleidingstraject moet regelmatig geëvalueerd worden op doelmatigheid en moet een afgeperkt tijdpad hebben. De inhoudelijke verantwoordelijkheid voor het controleren of iedereen, inclusief de leerling en de ouders/verzorgers, zich aan de gemaakte afspraken houden, ligt bij de mentor en bij de schoolleiding. Overstijgt de zorg de eerste of tweede lijn, dan is de zorgcoördinator hier met de schoolleiding verantwoordelijk voor.

Op aanraden van de rapportvergadering of volgens wens van de mentor, kan een leerling in de brugklas deelnemen aan de huiswerkklas. Dit gebeurt na schooltijd. Een ervaren docent verzorgt de begeleiding bij eenvoudige huiswerkzaken. Bij hardnekkige leerproblemen kan het verstandig zijn om uw kind aan te melden bij een extern huiswerkinstituut.

4.1.2 Ouderbetrokkenheid

Een goede communicatie en afstemming met ouders is cruciaal. Ouders zijn heel belangrijk voor het welbevinden en functioneren van hun kind op school. De Hof probeert ouders dan ook zoveel mogelijk te betrekken bij de schoolgang van hun kind via ouderavonden, inzage in Magister, contact via de mail en de mogelijkheid een beroep te doen op de ouderraad die maandelijks overlegt met de directie. Informatie wordt gepubliceerd op de website van de school.
Ouders zijn heel belangrijk, zeker als het een leerling met ondersteuningsbehoeften betreft. Vaak hebben kinderen al een hele “zorggeschiedenis” voordat ze op school komen. Ouders zijn ervaringsdeskundig en daardoor in staat te helpen bij het formuleren van de behoeften.

Voor leerlingen met specifieke ondersteuningsbehoeften worden de ouders na aanname weer uitgenodigd voor een gesprek met zorgcoördinator, schoolleiding en/of mentor en in een aantal gevallen een begeleider passend onderwijs. Aan de hand van dit gesprek wordt een OPP opgesteld. Dit plan wordt twee maal per jaar geëvalueerd en bijgesteld. Indien nodig gebeurt dit vaker. De eerstelijnsbegeleiding bestaat uit medewerkers die direct verantwoordelijk zijn voor het onderwijsproces.

De basiszorg op De Hof, een opsomming:

  • registratie van zorggegevens of zorgindicatie vanuit de basisschool,
  • screening bij toelating door de toelatingscommissie,
  • intake bij zorgdossier of zorgindicatie,
  • begeleiding door vakdocenten op het vakgebied,
  • begeleiding door de mentor bij het geheel van de leerprestaties,
  • begeleiding door de mentor op het gebied van groepsvorming,
  • signaleringsonderzoek in de eerste (en in de komende jaren ook 2e en 3e leerjaar)klas,
  • decanaat,
  • regelmatige bespreking totaalbeeld en vorderingen via de klassenbespreking en/of rapport GGD onderzoek in de tweede en vierde klassen,
  • Registratie van presentie tijdens elk lesuur via Magister zichtbaar voor leerling, ouders en medewerkers,

4.1.3 Medezeggenschap

Op havo De Hof is een medezeggenschapsraad actief. De raad bestaat op 1 augustus 2020 uit twee medewerkers van de school, Mw. Ourchane en Dhr. Boissevain en twee ouders, . De raad adviseert de schoolleiding gevraagd en ongevraagd en heeft op regelmatige basis overleg met de directie.

4.1.4 (Sociale) Veiligheid

De sociale veiligheid op De Hof wordt gemonitord door de veiligheidscoördinator. Zij is aanspreekpunt voor leerlingen, schoolmedewerkers, ouder/verzorgers en externe instanties als het gaat om de (sociale) veiligheid in en rondom de school. De veiligheidscoördinator werkt nauw samen met mentoren en het zorgteam. Ook voor advies rondom (dreigende) confrontaties en/of conflicten met leerlingen en zaken rondom kindermishandeling kan men bij haar terecht.

De veiligheidscoördinator verzorgt de incidentregistratie in samenwerking met de schoolleiding. Zij overlegt met de zorgcoördinator als blijkt dat er acties nodig zijn op het gebied van interne of externe begeleiding.
De community coach stuurt de community werkgroep aan, waar leerlingen en personeel overleggen over alles wat met veiligheid te maken heeft op school.

Elk schooljaar wordt er een enquête gehouden over de (sociale) veiligheid op school. Zowel de leerlingen als de medewerkers ervaren De Hof als een veilige school.
Voor het veiligheidsplan de schoolregels en omgangsnormen: zie bijlage.

4.1.5 Privacy

Schoolleiding, functionarissen, mentoren en vakdocenten hebben schrijf- en leesrechten in Magister passend bij hun functie dan wel taak. Ouders hebben altijd inzagerecht in de logboekitems van Magister. Mochten zij deze in willen zien, dan kunnen zij een afspraak maken met de schoolleiding. Bepaalde (zorg gerelateerde) informatie die als vertrouwelijk wordt beschouwd wordt niet altijd opgenomen in het digitale systeem. Deze informatie berust onder verantwoordelijkheid van het interne zorgteam. Bij toetsing of bij overleg met derden wordt in principe altijd toestemming aan de ouders/verzorgers gevraagd. In de schoolgids is door de school de clausule opgenomen dat in geval van ernstige zorgproblematiek de school wel altijd open is in de verstrekking van relevante informatie aan betrokken zorginstanties of aan andere scholen.

4.2 Interne ondersteuning in de klas

4.2.1 Van screening tot interventie

Vanaf 2014 is het wettelijk verplicht om de resultaten van de onderbouwleerlingen te volgen voor de vakken Nederlands, Engels en wiskunde/rekenen. Voor dit leerlingvolgsysteem maakt De Hof gebruik van Diataal: deze toetsen worden digitaal afgenomen en meten de prestaties van de leerlingen op kernvaardigheden.
De resultaten van de Diataal toets worden gebruikt om de leerlingen te selecteren voor de steunlessen taal of rekenen. Tevens worden deze doorgegeven aan de schoolleiding, de mentoren en de docenten Nederlands, wiskunde en Engels. De informatie kan gebruikt worden als ondersteunende factor bij het determineren van de leerlingen, aanpassingen in het curriculum van de vakken en het aanbieden van steunlessen.

In de brugklas vindt er een dyslexiescreening plaats. Wanneer het vermoeden van dyslexie bestaat wordt bij de betreffende leerlingen een DST toets afgenomen. Op grond van de resultaten hiervan krijgen de ouders het advies hun kind te laten testen op dyslexie bij een erkend instituut met doel tot het verkrijgen van een dyslexieverklaring. Deze dyslexieverklaring geeft recht op een aantal faciliteiten, zoals tijdverlenging bij toetsen of aanpassing van de normering bij spelling bij de talen.

Als een vakdocent een ondersteuningsbehoefte opmerkt bij een leerling bespreekt hij dat met de mentor. Tijdens een klassenbespreking kan de mentor deze docent een aantal tools geven hoe met deze leerling om te gaan. Als de problematiek de expertise van de vakdocent en mentor overstijgt, meldt de mentor de leerling aan bij de zorgcoördinator. Die onderzoekt welke specifieke ondersteuning de leerling en/of docent nodig heeft. De leerling wordt besproken in het interne zorgoverleg (zorgcoördinator, begeleider passend onderwijs, ouder kind adviseur en counselor). Er wordt op grond van de problematiek bepaald wat deze leerling nodig heeft en wie hem gaat begeleiden. De mentor maakt na overleg met de betrokken functionaris een OPP. Dit wordt besproken met ouders en ondertekend. Na een met elkaar overeengekomen periode wordt dit OPP geëvalueerd en bijgesteld door mentor, ouders en zorgcoördinator.

4.2.2 Leerlingenzorg

Het vertrouwen (durven) schenken aan de leerling is een van de kenmerken van het profiel van de docent op De Hof. Elementen als positieve feedback, individuele benadering en aandacht voor zelfredzaamheid liggen daar in besloten. Indien een leerling behoefte heeft aan extra ondersteuning en/ of begeleiding bij het plannen en structureren of bij het bepalen van de juiste leerstrategie dan kan hij/zij dat een docent verzoeken, of zijn mentor. Mocht de leerling andere ondersteuningsbehoeften hebben, dan is er de mogelijkheid doorverwezen te worden naar een counselor. Een dyslectische leerling kan (beperkt) ondersteund worden door een remedial teacher. Het gaat daarbij om ondersteuning bij het aanbieden van leer- en leesstrategieën, hulp bij dyslexie , en eventuele aanvullende begeleiding bij het leren van de moderne vreemde talen aan leerproblemen.
De school kent een vertrouwensdocent die door de leerlingen desgewenst kan worden geraadpleegd.

De basisondersteuning qua zorg op het DE HOF, een opsomming:

  • begeleiding door de mentor,
  • screening door een remedial teacher op basis van de uitkomsten van het signaleringsonderzoek of op basis van bevindingen van collega’s,
    (eventuele) verwijzing naar GZ-psycholoog voor het verkrijgen van een dyslexieverklaring
  • toekennen van een faciliteitenkaart,
  • beperkte begeleiding door RT in alle jaren,
  • huiswerkbegeleiding
  • steunlessen
  • counseling
  • incidentregistratie en conflicthantering door veiligheidscoördinator
    vertrouwensdocent

Voor specifieke interventiemogelijkheden: zie ondersteuningsprofiel.

4.3 Tweede lijn: extra zorgaanbod

4.3.1 Doorgeleiding naar 2e lijn

Begeleiding, extra ondersteuning en zorg kunnen niet in alle gevallen strikt van elkaar gescheiden worden. Een leerling volgt zelden een strikt chronologisch traject van begeleiding, via extra ondersteuning, naar zorg of terug. In een aantal gevallen start het zorgtraject op hetzelfde moment als de reguliere leerlingbegeleiding, zoals bij een leerling die met een specifieke ondersteuningsbehoefte van de basisschool komt en bij de aanname al een uitgebreide intake heeft gehad. Anderzijds wordt een zorgvraag in een flink aantal gevallen slechts deels zichtbaar binnen de schoolontwikkeling van de leerling tijdens zijn of haar schoolloopbaan. In die gevallen is vaak wel sprake van een zich geleidelijk aan ontwikkelende zorgvraag en een daar aan gekoppeld zorgtraject. De tweede lijn heeft vooral de taak een diagnose te stellen en handelingssuggesties te doen met als doel hulp te verlenen (intern) of door te verwijzen (extern). Betreft het een zorgleerling, dan wordt hij/zij automatisch besproken in het interne zorgteam. De vergadering van het interne zorgteam is tweewekelijks. De BPO, weliswaar derdelijns, sluit ook aan bij het interne zorgoverleg, omdat hij binnen school structureel enkele zorgleerlingen begeleidt. De notulen worden naar het MT gestuurd, zodat zij de behandelde leerlingen kunnen bespreken in het mentorenoverleg. In geval van een leerling met/voor wie specifieke ondersteuning is afgesproken vanuit de 2e of 3e lijn, is er altijd sprake van een OPP.

Leerlingen die in de tweede lijn besproken worden, ontstijgen het niveau van de reguliere competenties van de vakdocenten en mentoren. Ze kunnen worden doorverwezen naar de counselor, OKA, of naar een van de leden van het ZAT. Doorgeleiding gebeurt onder verantwoording van de zorgcoördinator en schoolleiding. De zorgcoördinator heeft hierin een coördinerende rol.

4.3.2 Interventies binnen de school 2e lijn

De school kent verschillende interventiemogelijkheden gericht op de individuele leerling of gericht op groepen leerlingen. Deze interventiemogelijkheden verschillen per leerling en kunnen variëren van het 5-gesprekken model (oplossingsgericht) door de counselor, rt-begeleiding, gesprek met de jeugdarts, bij extreme afwezigheid melden bij leerplichtambtenaar, bij langdurig zieke kinderen acties om de kinderen planmatig te laten revalideren en terug naar school te laten keren, gesprekken over rouwverwerking, enz. Mogelijke achterliggende zorgvragen worden in kaart gebracht en binnen de ZAT-partners besproken. Verwijzingen vinden dan plaats naar bijvoorbeeld externe sova-trainingen en/of nader onderzoek door GGZ of vrijgevestigde kinderpsychologen en kinderpsychiaters. Leerlingen, die veelvuldig ziek gemeld worden, worden door de verzuimcoördinator i.s.m. de schoolleiding aangemeld bij de GGD binnen het programma M@ZL (Medische Advisering Ziek gemelde Leerling). De zorgcoördinator wordt hiervan op de hoogte gesteld.

4.3.3 Standaard protocollen

Op De Hof werken we met de volgende standaardprotocollen:

a) Verzuimbeleid
b) Sanctiebeleid (uitsturen, schorsing en verwijdering)
c) Dyslexie protocol
d) Pestprotocol
e) Schoolveiligheidsplan
f) Amsterdams Protocol kindermishandeling: zie www.protocolkindermishandeling
g) Medisch protocol: zie bijlagen
h) Kernprocedure 1 zie www.swvadam.nl
i) VO-VO procedure, Kernprocedure 2 en VO-MBO: zie www.swvadam.nl
j) Crisissituaties in en om de school (rouw, geweld etc.)
k) Verrichten zorgmelding zie www.bjaa.nl
De protocollen zijn te vinden op www.havodehof.nl of worden hierboven vermeld.

4.4 Derde lijn: Specialistische zorg

Aanbod voor een klein deel van de leerlingen.

Specialistische hulp (advies, expertise of bovenschoolse inzet) is nodig in school, of naast school voor leerlingen met een bijzondere ondersteuningsvraag. Te denken valt hierbij aan leerlingen met een gedragsstoornis zoals ASS, leerlingen met een kloof, leerlingen met stapelproblematiek, leerlingen met een ernstige visuele beperking, langdurig zieke kinderen, e.d. De derdelijns begeleiding bestaat uit externe zorgverleners die vanuit hun organisatie specialistische hulp kunnen geven of vanuit hun functie kunnen doorverwijzen naar andere externe instanties. Een aantal van deze externe zorgverleners participeren in het zorg advies team (ZAT): schoolarts, OKA en de leerplichtambtenaar. Tijdens het ZAT worden zorgleerlingen besproken om voor hen een zo goed mogelijk zorgtraject te starten.

4.4.1 Doorgeleiding naar 3e lijn

Indien de tweedelijnsbegeleiding onvoldoende ondersteuning kan bieden, wordt de leerling doorgeleid naar specialistische zorg (3e lijn) en aangemeld voor het Zorg Advies Team (ZAT). In een enkel geval blijft de ondersteuning wel bij de tweede lijn, maar wordt de leerling wel besproken in het ZAT overleg.
In het ZAT worden leerplichtige leerlingen besproken voor wie het noodzakelijk blijkt de externe zorgpartners bij het zorgtraject te betrekken of extern te verwijzen. Het ZAT wordt gevormd door de schoolmaatschappelijk werker, de leerplichtambtenaar, de schoolarts, de schoolleiding (MT) en de zorgcoördinator onder eindverantwoordelijkheid van (een lid van) de schoolleiding. Het ZAT kan via de leerplichtambtenaar actie ondernemen bij veelvuldig ongeoorloofd schoolverzuim in relatie tot alle mogelijke factoren die dit schoolverzuim kunnen veroorzaken en kan via de zorgcoördinator en de schoolarts onderzoeken of er sprake is van psychosomatische problematiek. Het ZAT kan tevens doorverwijzen naar externe hulpverlening. De zorgcoördinator is verantwoordelijk voor de procesbewaking en voor terugkoppeling en interne communicatie. DE HOF neemt deel aan het ziekteverzuimproject van de GGD (M@ZL, Medische Advisering Ziek gemelde Leerling). Wanneer een leerling langer dan 7 opeenvolgende dagen afwezig is (langdurig ziekteverzuim) èn 4 keer ziekgemeld is in 12 schoolweken (frequent ziekteverzuim) dan kan deze leerling zonder toestemming van de ouders verwezen worden naar de schoolarts. De schoolarts en de leerplichtambtenaar stemmen hun beleid in deze op elkaar af, in overleg met de zorgcoördinator.

De derdelijns zorg op het DE HOF, een opsomming:

  • handelingsgerichte begeleiding door begeleider passend onderwijs voor leerling, ouders en school,
  • OPP (BPO),
  • aanmelding door mentor of schoolleiding bij de zorgcoördinator,
  • aanmelding bij het Zorg Advies Team,
  • ondersteuning door OKA,
  • verwijzing door OKA en jeugdarts naar externe hulpverleners,
  • schoolverpleegkundige (jeugdgezondheidszorg GGD Amsterdam),
  • jeugdarts (jeugdgezondheidszorg GGD Amsterdam),
  • leerplichtambtenaar, zo nodig, gebruik van Transferia, School2Care.
    contact zorgcoördinator met derden, zoals PuntP, Bascule, Ziezon, e.d.

4.4.2 Ketenzorg en afstemming Zorg Advies Team / Commissie van Begeleiding

Zes keer per jaar vindt er een ZAT overleg plaats op school. Hierbij zijn aanwezig: de zorgcoördinator, een lid van de schoolleiding, de counselor, de verzuimcoördinator, de leerplichtambtenaar, de jeugdarts en de ouder- en kind adviseur. Afdelingscoördinatoren onderbouw/bovenbouw, directeur en BPO kunnen als het specifieke leerlingen betreft die zij begeleiden ook aanschuiven. In de notulen van deze bijeenkomsten is een actielijst opgenomen waarin vermeld staat wie bepaalde zaken oppakt. De zorgcoördinator bewaakt het proces, registreert en koppelt terug aan ouders.
Leerlingen kunnen door alle functionarissen worden aangemeld. Er wordt voor het overleg altijd toestemming gevraagd aan de ouders.

Afstemming met o.a. de crisisdienst en gezinsvoogden van BJAA, medewerkers van diverse GZ-diensten (o.a. Bascule, PuntP) enz. vindt wel plaats.

4.4.3 Ketenzorg in de school

De school faciliteert een ouder- en kind adviseur voor 8 uur in de week. De ouder- en kind adviseur onderhoudt de contacten met Samen Doen en andere gespecialiseerde jeugdhulp.

4.4.4 Bovenschoolse voorzieningen en vso

Via het Onderwijs Schakelloket en na bespreking in het ZAT kunnen leerlingen doorverwezen worden naar bovenschoolse voorzieningen zoals Transferium en School2Care.

4.4.5 Uitstroom / doorstroom

De Hof neemt deel aan het convenant schoolwisselaars en werkt met de Procedure schoolwisseling van VO naar VO ontwikkeld door het SWV.

Uitstroom

Leerlingen kunnen de school om verschillende redenen verlaten. Te denken valt aan vrijwillige redenen: verhuizing of voorkeur voor een andere school. In sommige gevallen is de leerling verplicht de school te verlaten: niveauproblemen of gedragsproblemen.

Niveauproblemen

Ouders worden geacht via Magister de cijfers van hun kind bij te houden. Vier keer per jaar wordt een rapport uitgereikt. Bij een onvoldoende rapport in blok 3 wordt er een zorgbrief naar huis verstuurd en hebben de ouders de gelegenheid om op de ouderavond te komen. Mochten de resultaten niet beter verbeteren en doubleren is uitgesloten, worden de ouders/ verzorgers verzocht samen met hun kind een andere school te zoeken. Omdat de huidige school verantwoordelijk blijft voor een leerling tot dat hij is ingeschreven op een andere school, is de school bereid te helpen bij het zoeken van een nieuwe school.

Gedragsproblemen

Uitval in geval van ernstige gedragsproblemen kan leiden tot overplaatsing naar zorglocaties (Apollo,
Metis special classes), speciaal onderwijs (Altra College, Bascule Extern afdeling Bleichrodt, Orion College) of bovenschoolse voorzieningen. Bij de overstap naar een van deze locaties zijn leden van het ZAT, de zorgcoördinator en de schoolleiding betrokken.

5. Betrokken functionarissen

5.1 Welke functionarissen zijn in de zorgstructuur aanwezig?

  • Zorgcoördinator
  • Schoolleiding
  • Mentor
  • Counselor
  • Veiligheidscoördinator/Community Coach
  • Vertrouwensdocent
  • Begeleider Passend Onderwijs
  • Ouder- en Kind Adviseur

5.2 Taken en competenties van de verschillende medewerkers met zorgtaken

Mentor

Elke klas heeft een mentor. Deze mentor is een docent die niet alleen aan de betreffende klas één of meer vakken geeft, maar aan wie ook de zorg voor een klas is toevertrouwd. Deze zorg betreft zowel de groep als de individuele leerling. Tijdens de mentorles besteedt de mentor aandacht aan studievaardigheden, sociale vaardigheden en groepsvorming. Door middel van individuele gesprekken onderhoudt de mentor regelmatig contact met de leerling. De begeleiding biedt zo de mogelijkheid om studieproblemen en problemen van sociaal-emotionele aard op tijd te onderkennen en aan een oplossing te werken. De mentor houdt de gegevens van de leerling bij in Magister, het leerlingvolgsysteem van de school. De mentor is het eerste aanspreekpunt voor leerlingen en ouders.

Schoolleiding

De schoolleiders zijn verantwoordelijk voor de dagelijkse gang van zaken in de school. Zij houden op onderwijskundig en organisatorisch terrein de vinger aan de pols, bemiddelen bij conflicten en treffen sancties waar die noodzakelijk zijn. Zij overleggen geregeld met de mentoren en het interne zorgteam, leiden met de mentor rapportvergaderingen, zorgen voor de coördinatie van activiteiten en dragen vanuit school de eindverantwoordelijkheid voor de zorgleerlingen. Zij worden geïnformeerd door de verzuimcoördinator, die zich bezighoudt met de absentiecontrole. Ze nemen deel aan het zogeheten ZAT (Zorg Advies Team), het externe zorgteam. Waar nodig nemen zij contact op met ouders.

Sociaal-emotionele begeleiding

Leerlingen kunnen door de schoolleiding en mentor doorverwezen worden naar het zorgteam. De zorgcoördinator plaatst de leerlingen in overleg met het zorgteam bij een begeleider uit het zorgteam.

Zorgteam

Het (interne) zorgteam bestaat uit de zorgcoördinator en leerlingbegeleiders die specifieke zorg verlenen aan leerlingen. De Hof wil leerlingen laten groeien in hun ontwikkeling. Als er omstandigheden zijn die de ontwikkeling belemmeren, biedt het zorgteam de mogelijkheid om te helpen. Het zorgteam komt tweewekelijks bijeen en bespreekt dan de zorgleerlingen.

De vertrouwensdocent, ouder- en kind adviseur, begeleider passend onderwijs en community coach kunnen uitgenodigd worden deel te nemen aan het overleg.

Zorgcoördinator

De zorgcoördinator coördineert het zorgbeleid, adviseert de schoolleiding, zit het ZAT en het interne zorgteam voor, en ondersteunt collega’s bij het uitvoeren van taken op het gebied van de leerlingenzorg. Ook onderhoudt zij externe contacten met hulpverlenende instanties in de regio, deelt informatie in kenniskringen, participeert in het samenwerkingsverband. Verder voert de zorgcoördinator met de schoolleiding en/of mentor oudergesprekken met ouders van leerlingen met extra ondersteuningsbehoeften, heeft kennis van externe zorginstanties, stuurt collega’s aan die handelingen moeten verrichten die met de zorg te maken hebben en houdt gegevens bij in het leerlingvolgsysteem (Magister).

Counselor

De counselor kan door de collega’s van het zorgteam worden ingeschakeld als de problematiek van de leerling te complex is voor de mentor. De mentor meldt in overleg met de schoolleiding zijn leerling aan bij het zorgteam. Dit gebeurt via een aanmeldformulier, waarin de mentor onder andere aangeeft wat de sterke en zwakke kanten zijn van de leerling, wat er eventueel al aan begeleiding is geboden en wat de hulpvraag van de leerling is. De counselor voert een intake gesprek, waarna een handelingsgericht werkplan gemaakt wordt. De counselor begeleidt de leerling volgens dit plan. Is na evaluatie van deze sessies het doel niet behaald, dan kunnen de leerling en diens ouders worden geadviseerd externe hulp in te roepen. De counselor voert begeleidingsgesprekken met leerlingen, ondersteunt mentoren en onderhoudt externe contacten met hulpverlenende instanties in de regio. De counselor biedt psychosociale begeleiding rond het onderwijsleerproces (bijvoorbeeld: pesten/gepest worden, eenzaam voelen in de klas, motivatieproblemen), en begeleiding bij problemen in de persoonlijke sfeer (bijvoorbeeld: problemen thuis, verwerking van scheiding van ouders, misbruik, mishandeling, rouwverwerking, stress). Ook coacht zij collega’s bij het uitvoeren van taken op het gebied van de leerlingenzorg.

Begeleider Passend Onderwijs

De begeleider passend onderwijs (BPO) begeleidt een beperkt aantal leerlingen met een specifieke ondersteuningsbehoefte, veelal gerelateerd aan Autisme Spectrum Stoornissen (ASS) en AD(H)D. De BPO ondersteunt en informeert docenten en mentoren waar het gaat om klassenmanagement met betrekking tot leerlingen met specifieke gedragsproblematiek. Verder begeleidt de BPO mentoren bij het formuleren van specifieke ondersteuning en het ondersteuningsperspectief van leerlingen. De BPO werkt samen met de zorgcoördinator en de counselor.

Vertrouwensdocent

De Hof heeft een vertrouwensdocent. Leerlingen kunnen bij haar terecht als ze met een vertrouwelijk probleem zitten, zoals seksuele intimidatie. Eventueel worden de leerlingen (vaak in overleg met de zorgcoördinator) doorverwezen naar externe instanties. De vertrouwensdocent is het aanspreekpunt op school voor meldingen en klachten van seksuele intimidatie, geweld en racisme. Zij luistert, helpt, zoekt naar oplossingen, geeft informatie over hulpverlening en biedt ondersteuning bij het eventueel indienen van een klacht. Mocht de vertrouwensdocent onvoldoende hulp kunnen bieden, dan kan hij doorverwijzen naar een externe vertrouwenspersoon.
Vertrouwensdocenten gaan vertrouwelijk om met de verstrekte informatie. Daarbij gelden wel de meldingsplicht van personeelsleden aan het bestuur/de directie en de aangifteplicht van het bestuur/de directie aan de politie, als het gaat om vermoedelijk strafbare feiten, seksuele intimidatie van personeelsleden ten opzichte van leerlingen.

Ouder- en Kind adviseur

De ouder- en kind adviseur (OKA) ondersteunt en begeleidt leerlingen die moeite hebben met het functioneren op school. De OKA kan door de collega’s van het zorgteam worden ingeschakeld als de problematiek van de leerling te complex is voor de mentor en/of de counselor. Daarbij kan het gaan om bijvoorbeeld ernstige motivatieproblemen, gedragsproblemen of een zeer moeilijke thuissituatie. Naast de leerling richt de OKA zich ook op de ouders, de omgeving van de leerling en de school zelf. De OKA werkt onafhankelijk van school en kan ook direct door ouders benaderd worden. Begeleiding van de OKA is vooral gericht op het voorkomen van voortijdig de school verlaten door de leerling.

Community Coach

De community coach is aanspreekpunt voor leerlingen, schoolmedewerkers, ouder/verzorgers en externe instanties als het gaat om de (sociale) veiligheid in en rondom de school. De community coach werkt nauw samen met mentoren en het zorgteam. Ook voor advies rondom (dreigende) confrontaties en/of conflicten met leerlingen en zaken rondom kindermishandeling kan men bij haar terecht.
De community coach stuurt de community werkgroep aan, waar leerlingen en personeel overleggen over alles wat met veiligheid te maken heeft op school.

6. Kwaliteit

6.1 Competentieversterking

Competentieversterking is een vanzelfsprekend gespreksonderwerp bij de functionerings- en ontwikkelingsgesprekken, alsmede bij het vaststellen van het scholingsplan.

6.2 Functioneringsgesprekken

Er is een cyclus van functionerings- en ontwikkelingsgesprekken voor medewerkers van havo De Hof. Nieuwe medewerkers krijgen jaarlijks een functionerings- en beoordelingsgesprek tot er sprake is van een vaste aanstelling .

6.3 Evaluatie van beleid en verbeterplannen

Jaarlijks worden beleid en verbeterplannen geëvalueerd in samenspraak met (een deel van) het docententeam en/of de medezeggenschapsraad.

6.3.1 Jaarlijkse evaluatie

Elk jaar wordt het interne ZAT en het ZAT geëvalueerd en worden verbeterpunten geformuleerd. Op de zogenaamde A3 van De Hof wordt jaarlijks aandacht besteed aan het didactische en pedagogische klimaat en de veilige werk- en leeromgeving. Hiervoor worden prestatie-indicatoren vastgesteld en via de kwaliteitscyclus geëvalueerd. Er is een jaarlijkse analyse gericht op:
leerling kenmerken, aantal doublures, verzuim, instroom, uitstroom, afstroom, thuiszitters
Aantal in leerlingbespreking, in trajecten, in externe trajecten, ZAT
Inzet ondersteuningsmiddelen

6.3.2 Kwaliteit intern beoordeeld

Jaarlijks worden door de schoolleiding de kwaliteit van de lessen en de doorstroomcijfers besproken en op basis daarvan wordt het jaarplan vastgesteld en besproken met het College van Bestuur

6.3.3 Kwaliteit extern beoordeeld

Havo De Hof levert jaarlijks via het College van Bestuur evaluatiedocumenten aan de Inspectie van het Onderwijs aan ten behoeve van het vernieuwde toezichtskader.

6.4 Verbeterpunten

6.4.1 Opstellen van verbeterpunten

Op basis van de resultaten, de afgenomen enquêtes en de veranderende regelgeving worden verbeterpunten geformuleerd waarop gestuurd wordt vanuit de schoolleiding.

6.4.2 Gewenste resultaten (kort, middel- en lange termijn)

Bij het opstellen van verbeterpunten wordt ook vastgesteld op welke termijn en op welke wijze deze punten voldoende verbeterd (kunnen) zijn.

6.4.3 Benodigdheden (middelen en gelden)

Waar nodig worden extra middelen aangevraagd om verbeterpunten te realiseren, waar mogelijk wordt dit binnen de begroting van havo De Hof gerealiseerd.

6.4.4 Scholingsplan

Het scholingsplan wordt jaarlijks in samenspraak met de medezeggenschapsraad vastgesteld. Docenten krijgen ruimte om hun individuele scholingsbudget in te zetten voor scholing die aansluit op het schoolplan.

Ondersteuningsplan 2017 – 2020